Wetenschap, kritiek en leren binnen Wing Chun Zoals in elke wetenschap botsen wetenschappers wel eens met elkaar. Dit komt doordat iedereen met eigen interpretaties en feiten komt. Het is vervolgens aan jou om te beoordelen welke feiten beter onderbouwd zijn en welke minder relevant zijn. Helaas wordt het binnen sommige kringen eerder gezien als een religie, waarbij de leraar bijna als een god wordt behandeld. Twijfel aan zijn woorden wordt dan soms ervaren als iets dat niet mag. Wanneer leraren en senior leerlingen samen trainen, zou het goed zijn als zij het systeem echt doorgronden. In plaats van alleen gezamenlijk oefeningen te herhalen die ooit van de leraar zijn geleerd. Oefeningen gebruik je om technieken te verbeteren. Soms ligt de focus op structuur, een andere keer op reactie of omschakeling. Je wilt goede gewoontes ontwikkelen en verkeerde gewoontes afleren. Wat ik soms zie — en ik zal zelf ongetwijfeld ook wel eens onbewust die fout maken — is dat een oefening in strijd kan zijn met bepaalde concepten, of juist verkeerde gewoontes aanleert. Daarom moeten we kritisch blijven, nadenken en onderwerpen bespreken: is deze oefening wel echt nuttig? Onderzoek of iets werkt, test het en evalueer het effect. Communiceer met elkaar over wat je ziet in een oefening. Kloppen de concepten? Misschien zie jij iets wat een ander over het hoofd ziet. Helaas wordt Wing Chun soms bijna als een religie behandeld in plaats van als een wetenschap. Er mag niet getwijfeld worden aan wat de leraar ooit heeft gezegd. Een martial art is geen religie, en de leraar is geen profeet. De leraar is een vertegenwoordiger van het systeem, niet het systeem zelf. Wing Chun zou benaderd moeten worden als een wetenschap. Autoriteit, kritiek en training Ik erger me soms aan mensen die zeggen: “Sifu zei…” en daar verder geen technische onderbouwing bij geven. Alleen: “hij zei het dus het is zo.” Met andere woorden: neem het maar aan en denk niet zelf na. Ik kan niet zomaar iets aannemen zonder technisch onderbouwd argument dat ik kan begrijpen en toetsen. Zeker niet wanneer mijn eigen technisch onderbouwde inzicht botst met wat men wil dat ik train. Ik wil geen verkeerde gewoontes aanleren. Soms wordt gezegd: “Doe het zo, zodat je je trainingspartner helpt.” Wanneer dat betekent dat ik zelf geen actie hoef te maken, is dat prima. Maar wanneer ik een onjuiste reactie moet uitvoeren om de ander te helpen, klopt dat niet. Dan train je een fout patroon. Je bent dan jezelf een verkeerde gewoonte aan het aanleren. In zo’n geval moet je de oefening aanpassen, zodat beide partners iets corrects trainen. Dat kan altijd. Een stoot of trap bewust aangeven is iets anders dan een foutieve reflex trainen. Dat mensen blind volgen komt ook door de maatschappij. Op school leren we al om vooral te luisteren naar de leraar. Daarna gaan we werken en moeten we opnieuw vooral uitvoeren wat gezegd wordt. Daardoor raken mensen gewend om te kopiëren in plaats van na te denken. Het probleem van kopiëren is dat je ook fouten kopieert, waardoor je het systeem nooit echt begrijpt. Voor mij is de waarheid belangrijker dan gelijk krijgen. Een ander probleem is dat leraren vaak weinig ruimte laten voor discussie. Soms door ego, omdat men denkt alles beter te weten. Ook wanneer leerlingen al decennia trainen en het systeem goed begrijpen. Omgekeerd zie je dat leerlingen denken: “Wie ben ik om het oneens te zijn?” Ik herken dat ook bij mezelf. Het is niet altijd makkelijk om tegen de gevestigde orde in te gaan, zeker niet uit respect voor je leraar. Toch zou er ruimte moeten zijn voor kritische discussie binnen een school. Alleen zo kun je fouten filteren en blijven ontwikkelen. Ik ben zelf ook leraar en leer veel van mijn leerlingen. Voor mij is waarheid belangrijker dan gelijk hebben. Die openheid moet wel mogelijk worden gemaakt door de leraar. Alleen zo kan een groep zich ontwikkelen. Anders ontstaat stilstand of zelfs achteruitgang. Stromingen binnen Wing Chun Binnen het systeem bestaan verschillende stromingen. Na het overlijden van Ip Man zijn veel leerlingen zelf leraar geworden, waardoor meerdere richtingen zijn ontstaan. Je kunt niet zeggen dat één stroming absoluut goed is en een andere fout. Zo zwart-wit is het niet. Wel zijn sommige stromingen duidelijk sterker ontwikkeld dan andere. Toch zie ik soms goede elementen in stromingen waar ik mij verder niet in kan vinden, en ook zwakke punten in stromingen waar ik juist meer van had verwacht. Wanneer iemand alleen één leraar volgt en zich volledig afsluit voor andere inzichten, speelt vaak ego of arrogantie mee. Alles wat buiten de eigen lijn valt wordt dan direct afgewezen. Het wordt extra vreemd wanneer dit binnen dezelfde stroming gebeurt. Soms wordt leerlingen verteld dat ze “geluk hebben” met hun leraar omdat hij de beste is en niemand in de buurt komt. Sommige leraren gaan zelfs zo ver dat leerlingen verboden wordt om elders te kijken. Elke leraar is anders Alle voetballers spelen hetzelfde spel, maar zijn allemaal anders. Dat geldt ook voor leraren. Elke trainer ontwikkelt zich op zijn eigen manier. Hoewel veel leraren zich helaas niet verder ontwikkelen en vooral herhalen wat ze ooit hebben gezien of gehoord. Vormen, concepten en ontwikkeling De basis van het systeem ligt in de vormen en de concepten. Vroeger moest men deze eerst grondig leren voordat men verder ging. Tegenwoordig gaat dat sneller, omdat de tijd dat vaak niet meer toelaat. Mensen accepteren het niet meer om een jaar lang alleen een vorm en basis te trainen. Ook het oude idee om eerst jarenlang alleen voetenwerk te trainen past minder in deze tijd. Alles wat je traint moet gebaseerd zijn op de vormen en de concepten. Tegelijk is het mogelijk dat vormen in de loop der tijd veranderd zijn. Ik zie stromingen die de eerste, tweede en derde vorm heel anders uitvoeren dan wij. De vormen die wij hanteren lijken sterk op die van Wong Shun Leung, daarom volgen wij die lijn. Maar ook binnen die stroming bestaan verschillen per leraar en school. Aanpassingen zijn niet automatisch verbeteringen. Fouten kunnen al eerder in het systeem geslopen zijn. Tegelijk betekent verandering niet automatisch dat iets fout is. Ik heb zelf aanpassingen gezien die ik niet overneem. Daarom ben ik voorzichtig met het veranderen van vormen, maar sta ik wel open voor aanvullende trainingsmethodes, zolang ze passen binnen de concepten. Ik test nieuwe methodes eerst maandenlang om fouten te ontdekken en te begrijpen wat ik doe. Alles moet uiteindelijk terug te leiden zijn naar het systeem en de concepten. Anders kan ik het niet verantwoorden. Ik zeg vaak: ik verzin niets nieuws, alles is al aanwezig in het systeem. Als je stagneert, moet je je trainingsmethode aanpassen. Zo werken goede trainers in elke sport. Praktijk, ervaring en testen Een leraar die regelmatig spart en echte vechtervaring heeft, zal geen theorie ontwikkelen die niet werkt. Een leraar die al tien jaar niet meer echt spart en vervolgens veranderingen aanbrengt, roept vragen op: waar komen die inzichten vandaan? De interpretatie van het systeem kan uiteindelijk maar op één manier kloppen. Je kunt niet één principe volgen en andere concepten negeren. Structuren kunnen maar op één juiste manier correct zijn, zoals de vormen laten zien. Als de structuren in je training niet overeenkomen met de vormen, klopt er iets niet. Wil je het goed doen, dan moet je alle concepten en structuren volgen. Het gevaar van de toekomst In de tijd van Ip Man en daarvoor werd het systeem continu getest in de praktijk. In echte situaties worden onzin en fouten vanzelf gefilterd. In de afgelopen 30 jaar heb ik Wing Chun slechts enkele keren in de praktijk moeten gebruiken, en met één Pak Sau-stoot was het in feite al beslist. Daardoor wordt het systeem minder vaak in realistische context getest. Het gevaar is dat we gaan fantaseren en afwijken van de realiteit. Daarom moeten we kritisch blijven, communiceren en blijven testen of iets werkt. Werkt iets niet, dan moet je het niet trainen, of aanpassen zodat het binnen de concepten wel werkt. Training bestaat niet alleen uit doen, maar ook uit begrijpen. Theorie en praktijk moeten elkaar ondersteunen. Een verhouding van ongeveer 75% training en 25% uitleg en theorie zou volgens mij goed kunnen werken. Overdracht in de tijd Als we de vormen zuiver houden, kan een volgende generatie altijd terugredeneren naar de oorsprong van het systeem, zelfs als er in de tussentijd afwijkingen zijn ontstaan. Je moet jezelf steeds afvragen: is dit hoe het bedoeld was door de oorspronkelijke grondleggers? Komt het overeen met de concepten? Kan ik het terugvinden in de vormen? Test het vervolgens in sparren om te zien of het werkt. Toekomst van de VTKFAE Wanneer iemand als Philipp Bayer, hoofd van de vereniging in Europa, zou stoppen of wegvallen, is het mogelijk dat de organisatie uiteenvalt in losse groepen. Er is niet direct een duidelijke opvolger die dezelfde rol kan overnemen. Er zullen waarschijnlijk wel contacten blijven tussen leraren, maar meer in losse verbanden. Uiteindelijk ontstaan er dan “eilandjes”. Toch moeten de vormen en concepten voldoende zijn om het systeem te kunnen blijven begrijpen en ontwikkelen. Na verloop van tijd heb je je leraar in praktische zin niet meer nodig, al blijft trainen met een ervaren persoon uiteraard waardevol. Slotgedachte Wing Chun is alleen goed te leren als alle elementen worden getraind en de theorie goed wordt begrepen. Je moet leren denken in de taal van het systeem: de concepten en principes. Daarom is theorie essentieel en moet alles wetenschappelijk onderbouwd zijn met logische en natuurkundige argumenten. Ik kan dan ook niet achter uitspraken staan als: “spring maar op, zo sta je goed.” Dat is niet onderbouwd. De vormen bestaan juist om je te laten zien hoe je moet bewegen en staan. Je hebt verschillende trainingsmethodes nodig: vormen, Chi Sau, structurele oefeningen, sparren, trappen, mobiliteit en meer. Je moet voorkomen dat je vastroest in dezelfde oefeningen, terwijl andere aspecten onderontwikkeld blijven. Ik ben ervan overtuigd dat je zonder voldoende sparren niet leert vechten. Zonder beweging en trappen ontwikkel je geen goed voetenwerk. Zonder theorie ga je verkeerd trainen. Zonder testen dwaal je af en verlies je het systeem.
Silvano Bonafe