Op zich is er niets op tegen om met Wing Chun geld te verdienen. Maar de vraag is hoe. Gaat het er wel eerlijk aan toe?
Leerlingen hebben bepaalde verwachtingen van een leraar, waarbij je je kunt afvragen wat die verwachtingen voedt en wat ze aanwakkert. Er zijn binnen deze stijl zulke grote verschillen in opvattingen dat zelfs geïnteresseerde en gemotiveerde mensen een chaotisch beeld van het wereldje gepresenteerd krijgen en zich moeilijk kunnen oriënteren. Dat wordt des te moeilijker naarmate een aspirant-leerling minder ervaring met vechtkunsten heeft.
Het is dan ook makkelijk om je te laten verblinden door schreeuwerige wervingsteksten. Maar iemand kan wel claimen dat hij ellenlange titels en academische graden heeft of president of voorzitter van iets is, maar dat zegt niets over zijn bekwaamheid als leraar. Ook overdrijvingen over eigen gevaarlijkheid of dodelijkheid op visitekaartjes zijn overbodig. Zelfs het feit dat iemand een tijdlang een commando- of politie-eenheid heeft getraind zegt weinig; dat hebben veel stijlen gedaan. Of iemand familie is van een meester zegt evenmin iets over zijn eigen kwaliteit.
Bij de verhouding tussen leerling en leraar moet samenwerking vooropstaan, niet eigenbelang. Daarom kun je je afvragen of examenprogramma’s niet vooral in het belang van de leraar zijn. Dat ze nodig zouden zijn om niveau te bepalen is geen goed argument. Binnen een school weet men vaak al hoe de verhoudingen liggen. Die veranderen bovendien voortdurend door trainingsintensiteit en talent. Wie examens gebruikt om niveau te bevestigen, doet dat mogelijk vooral om ijdelheid te strelen of geld te verdienen.
Het is belangrijker om een leraar te hebben die zich kan inleven in de zwakten van individuele leerlingen en hen passende oplossingen en oefeningen kan geven. Niet iedereen heeft dezelfde problemen en niet iedereen heeft dezelfde training nodig. Het aantal leerlingen moet bovendien overzichtelijk blijven om kwaliteit te waarborgen. Een leraar hoeft niet constant naast een leerling te staan, zolang hij maar duidelijke opdrachten geeft. Zodra het probleem duidelijk is, moet de leerling zelf trainen. De leraar vindt daarna het volgende verbeterpunt.
Wing Chun-onderricht zoals ik het heb ervaren is net zo spontaan als de stijl zelf. Het gaat uiteindelijk om “op het juiste moment juist handelen”. Ik raad iedereen aan om eerst in een school de sfeer te proeven voordat men begint met trainen. Natuurlijk kun je als buitenstaander niet direct beoordelen hoe bekwaam een leraar is, maar gezond verstand en gevoel brengen je een heel eind. En dat zijn precies de dingen die je tijdens training ontwikkelt. Dus: X is niet gelijk aan U. Stay sharp!

Auteur: Dietmar Christl, leraar Wenen (Oostenrijk)